Hand en pols
Polsbreuk - Polsfractuur
Oorzaak
Bij een val op de pols kan een breuk van één of twee onderarmsbenen (radius of ulna) nabij de pols optreden. Als dit een onverplaatste breuk betreft kan het conservatief (met gips) behandeld worden. Als er verplaatsing of een intra-articulair verloop van de breuk is is hiervoor vaak een operatie nodig.
Afhankelijk van het type breuk en uw wensen wordt de best mogelijk keuze voor behandeling gemaakt.

Enkele voorbeelden van polsfracturen

Een voorbeeld van een verplaatste extra-articulaire polsbreuk
Klachten
De pols is pijnlijk bij beweging en druk. Het gebruik van de hand is hierdoor beperkt en pijnlijk. Er kan een zichtbare standsafwijking van de pols aanwezig zijn.
Het kan voorkomen dat u tintelingen in de vingers ervaart, dit moet u dan zeker melden aan de dokter.
Conservatief
Voor een goede functie van de pols is het belangrijk dat de breuk(delen) in een acceptabele stand helen. Soms volstaat hiervoor gips al dan niet met het zetten van de pols.
Operatief
Soms is het nodig de stand te verbeteren en te verzekeren door middel van een operatie waarbij een plaatje op de pols wordt gezet. Het grote voordeel van een operatieve behandeling is dat in de meeste gevallen de pols nabehandeld kan worden met minimale tijd in een gips.
Er wordt aan de voorzijde van de pols een incisie gemaakt waarna pezen en spieren opzij worden gehouden. Nadat de breuk goed gezet is wordt deze met een plaat en schroeven vastgezet. Soms is het nodig extra maatregelen te nemen, dit kan zijn: een arthroscopische evaluatie (kijkoperatie), het tijdelijk pinnen van fragmenten of het maken van een extra incisie.

Een voorbeeld van een osteosynthese met plaat en schroeven

Een voorbeeld van een radiografie na osteosynthese
Nazorg
U krijgt voor 10-14 dagen een (gips) verband. Dit moet proper en droog blijven. Dit wordt op de controle raadpleging tesamen met de hechtingen verwijderd.
De hand dient de eerste week na de operatie omhoog gehouden te worden, hoger dan het hart. Verder is het belangrijk de vingers (ook in het verband) veel te bewegen. U mag de hand gewoon gebruiken, maar opduwen, wringen, zware zaken heffen is afgeraden de eerste 6 weken na de ingreep. De duur van niet belasten van de pols wordt bepaald aan de hand van de klachten en de uitslag van de Röntgenfoto’s en is minimaal 6 weken.
Na het verwijderen van de hechtingen is het belangrijk meerdere malen per dag het litteken te masseren met een littekenzalf.
In principe hoeven de plaat en schroeven niet te worden verwijderd, tenzij anders vermeld door de arts. Er is een blijvend zeer klein risico op het doorscheuren van de buigpezen ten gevolge van de plaat, zeker als deze niet perfect gepositioneerd ligt.
Resultaat operatie:
Over het algemeen heelt de pols zonder problemen. Wel kan er een milde beperking van beweging en kracht blijven. Dit hindert meestal niet in het dagelijkse leven. Een belangrijke factor in het herstel is de mate van fragmentatie van de breuk, een breuk doorlopend tot in het gewricht en bijkomende letsels in de pols.
Het infectie risico is 2%. Dystrofie is bij elke operatie een klein doch vervelend risico. Er bestaat een risico van 1% op pees, bloedvat en
zenuwletsel. In 2-3% blijft goede heling uit bijvoorbeeld door het verplaatsen van fragmenten.
Bij sommige patiënten is het litteken gedurende een langere tijd gevoelig (littekenovergevoeligheid). In het overgrote gedeelte van de gevallen is dit van voorbijgaande aard.